In zulke God wil ik wel geloven!

 

Vaak hoor ik mensen in mijn omgeving afgeven op het geloof en willen ze met dat geloof niets te maken hebben omdat ze het te beperkend vinden, vrijheid berovend of ook nog omdat ze de God van de bijbel een verschrikkelijke heerser vinden. Ik moet bij dat laatste dan steeds denken aan de volgende passage die volgens het Matteüs-evangelie door Jezus zou zijn meegegeven:

 

Jullie hebben gehoord dat je uw naaste moet liefhebben en uw vijand haten. Maar ik zeg u: heb je vijanden lief en bid voor wie u vervolgen, alleen dan zijn jullie werkelijk kinderen van je Vader in de hemel. Hij laat zijn zon immers opgaan over goede en slechte mensen en laat het regenen over rechtvaardigen en onrechtvaardigen. Is het een verdienste als je liefhebt wie jou liefheeft? Doen de tollenaars niet net zo? En als jullie alleen je broeders en zusters vriendelijk bejegenen, wat voor uitzonderlijks doe je dan? Doen de heidenen niet net zo? Wees dus volmaakt, zoals jullie hemelse Vader volmaakt is. (Matth.5:43-48)

 

Inderdaad, het liefhebben van wie goed zijn voor ons is (relatief) gemakkelijk. We hebben allemaal vrienden mag ik hopen en dus weten we beslist waar Jezus het hier over heeft. Maar vijanden liefhebben en bidden voor wie ons vervolgen is heel andere koek. Welnu, wat bij de kritieken van buitenstaanders mijn gedachten richt is niet zozeer de enorm moeilijke opdracht die Jezus lijkt te verwachten van ons maar vooral de indirecte verwijzing die hij maakt naar de natuur, het karakter van God zelf. En die is toch héél wat anders dan wat er Hem verweten wordt! Hier wordt veel gezegd over welke God wij eigenlijk eren.

 

Weet je, in de opdracht die Jezus geeft, wordt voor het ‘liefhebben’ van vijanden hetzelfde Griekse woord ‘agapaõ’ gebruikt als voor het liefhebben van God of de liefde tussen man en vrouw. Hetzelfde woord als in de uitspraak van Jezus: “Heb God lief met geheel uw hart, heel uw ziel en met heel uw verstand” (Marcus 12:30). Hetzelfde woord als “Heb uw naaste lief als uzelf” (Marcus 12:31). En hoewel hier niet direct geschreven staat onze vijand lief te hebben als onszelf gaat de liefde waar Jezus het over heeft absoluut verder dan ‘het aanvaarden van’, ‘het tolereren van’ je vijand. Liefhebben heeft in Jezus denken steeds die dimensie extra. Het belangrijkste bewijs hiervoor hebben we in de wijze waarop hijzelf zijn beulen vergaf toen hij aan het kruis hing. En hij deed dit niet op een moment dat hij zich goed voelde. Hij deed dit te midden de ergste pijnen die men zich kan voorstellen en terwijl zijn beulen met Hem nog aan 't spotten waren. Wat een liefde! Moet er eigenlijk nog meer aan toegevoegd worden? Zo ziet Hij ook het bidden voor wie ons vervolgen als meer dan vragen of God hen zou willen veranderen. Het gaat over het wensen… het verlangen… dat zij zouden gezegend worden door al het goede dat van de Vader voortkomt. Het vraagt of Gods liefde ook in hen zou mogen op borrelen. Want voor uw beulen en moordenaars vergeving afsmeken, zoals Jezus deed, is zowat de grootste zegen die je hen kan toewensen. Inderdaad, het lijkt ongrijpbaar, ongeloofwaardig! Vooral wanneer we dit toepassen op vijanden of op mensen die ons het leven zuur maken. Het is inderdaad een liefde die weinig met romantiek te maken heeft. Jezus zegt hier niet, tot zover en niet verder of vanaf een zekere mate van liefde is het genoeg geweest!  Wauw!

 

We hebben nog andere voorbeelden uit het leven van Jezus. Eén ervan treft mij bijzonder en geeft vooral vertrouwen in de manier waarop Jezus ook met mij en u optrekt. Het gaat over de manier waarop Hij reageert tegen Petrus nadat die Hem had verloochend. Jezus moet een diepe pijn hebben gevoeld toen zijn ‘rots’ hem dit aandeed, ook al wist hij op voorhand dat dit zou gebeuren. Nochtans rakelt hij achteraf deze zaak niet op om Petrus lik op stuk te geven. Integendeel zelfs, hij geeft Petrus zijn volste vertrouwen door hem de opdracht te geven: “Weidt mijn kudde!”. De leerling die hem verloochend had, krijgt geen ‘bestraffing’ maar het beheer toevertrouwd van zijn dierbaarste bezit, namelijk zijn kudde, zijn mensen! Dat is geen liefde naar menselijke maatstaven meer! Dat is liefde met een goddelijke dimensie.

 

Misschien zul je nu willen opmerken: 'Wat dan met Judas? Die heeft Jezus toch niet vergeven?' Wel, ik geloof ten stelligste dat Jezus vergiffenis beschikbaar was en is voor iedereen. Maar toen Jezus zei: 'Wee die mens, door wie de Zoon des mensen verraden wordt. Het ware voor die mens goed, als hij niet geboren was’ (Marc. 14:21), wist Hij hoe het zou aflopen. Dit is geen taal van wraak want dat zou in tegenspraak zijn met Zijn onderwijs zoals we hierboven hebben gelezen. Hij wist echter dat Judas een fout beeld had van Hem en dat het schuldgevoel dat hem zou bekruipen niet zou leiden tot ingetogen uitschreeuwen om vergeving! 'Wee die mens...'. Het probleem lag niet bij de ontoereikendheid van Jezus liefde maar bij het in gebreke blijven van Judas om deze bron van liefde aan te spreken en er naar uit te reiken. Hij kende zichzelf de strafmaat toe! Een schuldgevoel op zich helpt ons inderdaad niet verder. Het uitschreeuwen om vergeving en de aanvaarding ervan is wat een wonder verricht.

 

Het liefhebben beleven zoals Jezus dat deed is inderdaad binnentreden in een andere dimensie van denken en leven. En Hij verwijst ons naar het hart van zijn Vader. Hij leert ons Gods karakter en natuur begrijpen, want zo zegt Hij, als je deze liefde doet dan ben je pas écht kinderen van God te noemen en volmaakt zoals jullie hemelse Vader volmaakt is! Jezus kent zijn Vaders hart op een wijze die ons verstand te boven gaat. Hij weet dat zijn Vaders liefde geen ‘menselijke’ grenzen kent. Dat zijn liefde niet ergens stopt na een eerste poging of selectief is. Jezus was er zich door en door bewust van dat Gods liefde ook gold voor zijn vijanden. Hoe meer ik hierover nadenk hoe sterker ik me bewust word van hoe geweldig onze God wel is die ons door Jezus wordt getoond. Het doet me bewonderend zeggen dat

 

hoe zwart ook de bladzijden van ons leven beschreven mogen zijn, Gods liefde steeds sterker is en meer dan voldoende om ons terug op te nemen. Of zoals Corrie Ten Boom het ooit zei: “Er is geen put zo diep dat Gods liefde er ons niet zou kunnen uithalen!” Wauw! Wat een God!

 

God kijkt naar mensen die Hem kwaad berokkenen op een gans andere manier dan wij. Hij geeft doorlopend herkansingen zoals bij ‘geliefden’ spontaan gebeurt. Onze blik is vertroebeld, zoveel is duidelijk. Ook Jezus leerlingen begrepen het even moeilijk als wij nu. Ook zij dachten in andere termen over liefde. Jezus moest hen daar voortdurend in onderrichten. Een erg betekenisvolle geschiedenis in dit verband is te lezen in het evangelie van Lucas, hoofdstuk 9, verzen 51 tot en met 56.

 

Toen zijn tijd aangebroken was…ging hij vastberaden op weg naar Jeruzalem. Hij stuurde boden voor zich uit. In een Samaritaans dorp, waar ze zijn komst wensten voor te bereiden, wilden de dorpelingen hem niet ontvangen, omdat Jeruzalem het doel van zijn reis was. Toen de leerlingen Jakobus en Johannes merkten dat Jezus niet welkom was, vroegen ze: “Heer, wilt u dat wij vuur uit de hemel afroepen dat hen zal verteren? Maar Hij draaide zich naar hen toe en wees hen streng terecht. Ze gingen verder naar een ander dorp.”

 

Een beetje later heeft ook Paulus aan den lijve kunnen ervaren wat deze liefde betekende. Iedere gelovige in Klein-Azië was bang voor hem omdat hij er een erezaak van maakte er zoveel mogelijk te pakken te krijgen. Toch werd hij door Gods liefde overmand en werd hij diens begaafde boodschapper aan de ganse heidense wereld van die tijd, met doorlopend risico voor zijn eigen leven. Hijzelf werd eerst aarzelend maar dan met volle openhartigheid, opgenomen in de kring der gelovigen waarbij zijn verleden niet meer werd aangerekend. Het is niet voor niets dat wij de mooiste definitie van liefde ooit, van hem hebben gekregen.

 

De liefde is geduldig en vol goedheid

De liefde kent geen afgunst,

Geen ijdel vertoon en geen zelfgenoegzaamheid.

Ze is niet grof en niet zelfzuchtig,

Ze laat zich niet boos maken en rekent het kwaad niet aan?

Ze verheugt zich niet over onrecht

Maar vindt vreugde in de waarheid.

Alles verdraagt ze, alles gelooft ze,

Alles hoopt ze,

In alles volhardt ze.

De liefde zal nooit vergaan.

 

Als dit geen prachtige beschrijving geeft van het karakter van God? Wel, in zulke God wil ik graag geloven! Daar moet ik niet lang over nadenken. Dit maakt de God van Christus zo uniek. Ik zou hier graag willen afsluiten met de tekst van een lied dat ik ooit heb geschreven en een persoonlijk gebed is geworden:

 

Heer, ik vraag u, kom en zegen mij

Vul mij met een diepe vrede.

Leg uw liefdemantel om mij heen,

Plant in mij iets van uw kracht.

 

Is er dan een tijd van harteloosheid

Dan juist wil ik liefde geven.

Vind ik eenzaamheid en onzekerheid,

Dan zal ik graag trooster zijn.

 

Wars van alle schijn, strijd om dit is ‘t mijn,

 Wil ik gans mijn leven delen

Midden bitterheid en vijandigheid

Zal ik graag vergevend zijn

 

Heer, ik vraag u, kom en zegen mij

Vul mij met een diepe vrede.

Leg uw liefdemantel om mij heen,

Plant in mij iets van uw kracht.

 

Wordt het rondom nacht waar men u veracht,

Dan wil ik u graag trouw blijven.

En waar ook de nood of geestelijke dood,

Steeds wil ik uw bode zijn.

 

Heer, wij vragen u, kom zegen ons

Vul ons met een diepe vrede.

Leg uw liefdemantel om ons heen,

Plant in ons iets van uw kracht.

 

Marc Den Haerynck